Geschiedenis Pietersheim

 

Kapel met Kijkdoos  In de tweede helft van de 12de eeuw werd de locatie van de burcht bouwklaar gemaakt. Met lokaal gewonnen grind maakte men een cirkelvormig eiland. De rand ervan hoogde men op tot een wal. Vermoedelijk bevond zich boven op die wal een houten palissade (vestingmuur). De structuren die bekend zijn uit deze vroegste periode, zijn de poorttoren, een rechthoekige put, en de kapel. Men veronderstelt dat er toen ook een donjon geweest moet zijn, een zware, centrale toren maar daarvan zijn geen sporen teruggevonden.

Ru?ne voor

In 1225 verwierven de heren van Pietersheim de kerkelijke rechten over Lanaken. Door de machtsuitbreiding hadden ze nood aan extra gebouwen. Tegen de noordzijde van de kapel lieten ze een bijgebouw optrekken, vermoedelijk als verblijfplaats voor de eerste burchtkapelanen. Verder ten noorden lieten ze tegen de wal een rechthoekige garnizoenstoren bouwen. Centraal tegenover het poortgebouw kwam een grote ‘palas’, het woonkwartier van de heer. Aan de bloei van de burcht kwam een einde in 1378. De burcht werd toen ingenomen en gedeeltelijk afgebroken door Luiks-Tongerse milities. De garnizoenstoren en het bijgebouw bij de kapel bleven verbrand en half gesloopt achter. Vandaag zijn de brandsporen nog zichtbaar.

 

Na 1378 bleef de burchtsite een tijdje verlaten. In 1410 kwam het domein door erfenis en huwelijk in handen van de heer van Merode en Frentz. De Merodes verbouwden de vervallen burcht tot een residentieel kasteel in hooggotische stijl. Vanaf dat moment volgden de bouwwerken zich op. De vestingmuren werden herbouwd. In de voorbouw van Ru?ne Waterburchtde poorttoren kwam een nieuwe wipbrug en daarvoor kwam een nieuwe brug in mergelsteen. Tegen de poorttoren werd een tweede toren gebouwd. De kapel werd met twee verdiepingen verhoogd en verloor zijn Romaans uitzicht. Op de eerste verdieping kwam de werkruimte van de kapelaan, die ook zorgde voor de administratie van het domein en hier ook recht sprak. Op de tweede verdieping, onder het dak, woonde hij. In 1576 startte Jan IX van Merode van Pietersheim versterkingswerken om het domein te kunnen verdedigen tegen de mogelijke inval van Spaanse troepen. Tevergeefs, want enkele jaren later kon de hertog van Parma, Alexander Farnese, met zijn leger het kasteel veroveren. Farnese verbleef in Pietersheim tijdens het beleg van Maastricht in 1579.

De heren van Pietersheim kregen hun kasteel in 1587 terug maar ze kwamen er niet meer wonen. Ze gebruikten het domein als jachtkasteel en lieten het bestuur over aan een rentmeester. Resten van de rentmeesterswoning zijn teruggevonden in de zone tussen de kapel en het poortgebouw. Het kasteel bleef seizoensgebonden in gebruik tot 1797, toen het nieuwe jachtslot klaar was (het huidige hotel/restaurant). Het kasteel op het burchteiland viel ten prooi aan verval.

 

Langs de burcht bouwde de familie de Merode een nieuw kasteel. Dit brandde af in 1926 maar werd heropgebouwd in 1926. De voormalige burcht deed dienst als boerderij. In 1971 verkocht de laatste eigenaar, Prins Xavier de Merode zijn volledig landgoed aan de gemeente Lanaken. Die maakte er een toeristisch-recreatief centrum van met een kinderboerderij en sportcentrum. Het kasteel staat momenteel te koop en wordt tijdelijk uitgebaat als pop-up bar-hotel- restaurant. De burchtruïne werd na jaren geconsolideerd en fungeert als bezoekersonthaal voor het Nat. Park "Hoge Kempen" en museum.