Ecologisch bermbeheer

Vlaanderen heeft zoveel wegen dat de totale oppervlakte van alle wegbermen samen bijna zo groot is als de totale oppervlakte erkend natuurreservaat. Ecologisch bermbeheer kan bijgevolg sterk bijdragen tot het natuurbehoud en de instandhouding van veel wilde planten en dieren. In woon- en landbouwgebieden is er vaak geen plaats meer om wilde planten spontaan te laten groeien en de bijhorende fauna te laten overleven. Bermen vormen voor hen vaak de laatste uitwijkplaats. Deze lintvormige landschapselementen kunnen ook een belangrijke rol vervullen als corridor tussen aangrenzende natuurgebieden. Daarnaast is er ook de esthetische waarde: bermen hebben een grote variatie in vorm, kleur en structuur en fleuren de omgeving op. Zo wakkeren ze het algemene bewustzijn en beleving voor natuur aan.

 

Sinds 1997 beschikt de gemeente over een bermbeheerplan. Dit plan geeft aan wat er per berm jaarlijks moet gebeuren voor een optimale verkeersveilige en ecologische ontwikkeling. Het maaitijdstip en de maaifrequentie worden gekozen i.f.v. de aanwezige of gewenste plantengroei en bijzondere fauna. Het uitgevoerde maaibeheer dient om de 5 jaar geëvalueerd te worden.

 

Het huidig bermbeheer werd in 2009 en in 2013 door Natuurpunt geëvalueerd. De volgende bermen werden onderzocht: Hocht, Geulerweg, Montaigneweg, Neergellikerweg, Industrieweg, Kanaalweg, Driebunders, Dorpsstraat, Kounterstraat, Kompveldstraat, Kewithdreef, Heirbaan, Boomgaardstraat, Priestersweg, Daalbroekstraat en Heidestraat. De soorten- en bloemrijkste berm is die van de Neergellikerweg. De bermen zijn het leefgebied van het Klaverblauwtje en het Boswitje, twee bedreigde dagvlinders in Vlaanderen.